Een tijd geleden ben ik oom geworden en het doet iets met je als persoon. Jouw eigen broer die tot vervelends aan toe jouw arm blauw heeft geslagen, heeft nu een kind in zijn armen. Specifiek gezegd zijn kind.
Moeder van het kind, Denise kijkt mij trots aan en ik krijg een boekje onder mijn neus. Het was een boekje met vragen waar ik papa en mama van heb leren kennen. De laatste dagen denk ik terug aan de laatste vraag dat ik moest invullen in het boekje: Wat wens je mij toe?
Vijftien jaar geleden kwam Jubes op deze wereld. Een klein lief bolletje wat al snel mijn favoriete kat zou worden. Mijn moeder en vader hadden aan elkaar beloofd dat ze maar één kat van het nestje zouden houden, maar wat doe je al je zoon met tranen in zijn ogen eist dat Jubes blijft?
Jubes is gebleven en na een goede vijftien jaar was het op. Mijn favoriete kat heb ik nog zo keurig in zijn mandje gelegd en wist ik dat snel het einde voor hem zou naderen. Mijn tranen kwamen omdat ik blij ben dat Jubes zo’n lang en goed leven heeft gehad. Hij was er voor mij en in ruil voor zijn steun gaf ik hem eten en vooral veel liefde.
Daarnaast is op een bepaald forum een vrouw al een tijd ernstig ziek. Als een hechte community gaven de mensen zorg aan haar en hebben ze vele dingen voor haar gedaan. Nu is het op, de kanker maakt haar kapot en ze is er klaar mee. Geen chemo meer, geen angst meer. Met een opgeheven hoofd kijkt ze de dood recht aan. Ze moet accepteren dat ze niet lang meer heeft.
Wat schrijf je dan voor zo’n kleine meid? Mijn pen schreef met een bepaald zekerheid; Een zorgeloos leven. Hopend dat ze voorlopig de bittere nasmaak van het leven niet hoeft te proeven.


